In waterbehandeling worden ultrafiltratie (UF), nanofiltratie (NF) en omgekeerde osmose (RO) vaak in één adem genoemd. Deze technieken werken volgens dezelfde principes waarbij water onder druk door een membraan geperst wordt en vervuiling door het membraan wordt tegengehouden. Echter, verwijderen UF, NF en RO elk andere verontreinigingen. Het begrijpen van deze verschillen helpt om de juiste techniek te kiezen voor de juiste toepassing, of dit nu gaat om het zuiveren van drainwater, het stabiliseren van gietwater of het ontzouten van proceswater.
Ultrafiltratie (UF): verwijdert micro-organismen en zwevend vuil
Ultrafiltratie maakt gebruik van membranen met poriën tussen 0,01 en 0,1 micron.
Hiermee verwijderd UF:
UF verwijdert géén opgeloste zouten of nutriënten. Dat maakt de techniek bijzonder geschikt voor het veilig hergebruiken van drainwater, omdat waardevolle voedingsstoffen behouden blijven.
De UF-techniek zoals toegepast in oplossingen als de Kathari biedt daarnaast een zeer voorspelbare waterkwaliteit doordat ziekteverwekkers fysiek worden tegengehouden.
UF is een uitstekende keuze wanneer microbiologische veiligheid of helderheid het belangrijkste doel is, zonder de chemische samenstelling van het water te veranderen.
Voor een uitgebreidere uitleg van de werking, toepassingen en aandachtspunten van deze techniek verwijzen we naar het artikel wat is ultrafiltratie?, waarin UF stap voor stap wordt toegelicht.
Nanofiltratie (NF): tussenstap met gedeeltelijke ontharding
Nanofiltratie vormt de schakel tussen UF en RO. De poriën zijn kleiner dan bij UF met ongeveer 0,001 tot 0,01 micron, maar laten nog een deel van de monovalente zouten zoals kalium, nitraat en natrium door. NF verwijdert vooral:
NF wordt vaak toegepast wanneer ontkleuring, ontharding of gerichte reductie van specifieke zouten gewenst is, maar volledige ontzouting, zoals bij RO, niet nodig is.
Dit maakt NF tot een energiezuinige tussenoplossing, met een lagere druk, een hogere wateropbrengst en een concentraat met een minder extreme samenstelling dan bij RO.
Omgekeerde osmose (RO): verwijdert vrijwel alle opgeloste stoffen
RO heeft het fijnste scheidingsniveau: het membraan laat vrijwel alleen watermoleculen door en verwijdert daardoor vrijwel alle opgeloste stoffen, waaronder:
RO is ideaal wanneer een lage EC of volledige ontzouting nodig is. De techniek is essentieel bij leiding, brak of oppervlaktewater, of wanneer de waterkwaliteit sterk moet worden gestabiliseerd.
De wateropbrengst (recovery) speelt een belangrijke rol. Systemen zoals de HPRO halen dankzij intelligent concentraatbeheer meer water uit hetzelfde bronwater dan conventionele RO-systemen.
Meer verdieping over de werking van membranen, drukopbouw en het verschil tussen permeaat en concentraat is te vinden in het artikel wat is omgekeerde osmose?.
Vervuiling en onderhoud van membranen
Alle membraantechnieken (UF, NF en RO) kunnen in de praktijk in meer of mindere mate last krijgen van vervuiling:
Regelmatig onderhoud, spoelen, voorfiltratie en waterkwaliteitsbeheer zijn essentieel om een betrouwbare werking van membranen te garanderen.
Wanneer kies je welke techniek?
Alle membraantechnieken (UF, NF en RO) kunnen in de praktijk in meer of mindere mate last krijgen van vervuiling:
In veel installaties worden de technieken gecombineerd. Voorfiltratie en goede membraanbescherming zijn daarbij bepalend voor de betrouwbaarheid en levensduur van het totale systeem.
Meer weten?
Elke toepassing vraagt om een passende oplossing. Staat uw vraag niet in dit artikel of wilt u sparren over uw specifieke situatie? Neem dan contact op met één van onze specialisten. Wij helpen u graag verder met deskundig advies en praktijkgerichte ondersteuning.